Oude kaarsen omsmelten: zo maak je nieuwe kaarsen
Oude kaarsen, afgebroken kaarsen en restjes kaarsvet hoef je niet altijd weg te gooien. Bruikbare kaarsresten kun je opnieuw smelten en gebruiken om een nieuwe kaars te maken. Zo kun je overgebleven kaarsvet hergebruiken in plaats van het weg te gooien.
Oude kaarsen omsmelten vraagt wel wat meer aandacht dan werken met nieuwe kaarsenwas. Je weet namelijk niet altijd precies uit welke was, kleurstoffen, geurstoffen en andere bestanddelen een oude kaars bestaat. Daarnaast moeten oude lonten, lontvoetjes en andere resten zorgvuldig uit de was worden verwijderd voordat je er een nieuwe kaars van maakt.
Welke oude kaarsen kun je omsmelten?
Resten van gewone waskaarsen zijn in veel gevallen opnieuw te gebruiken. Denk aan stukken van stompkaarsen, dinerkaarsen, afgebroken kaarsen of kaarsvet dat na het branden is overgebleven.
Voor een zo voorspelbaar mogelijk resultaat kun je het beste gelijksoortige kaarsresten bij elkaar houden. Resten van hetzelfde type kaars en, wanneer je dat weet, dezelfde samenstelling zijn gemakkelijker opnieuw te verwerken dan allerlei verschillende kaarsen door elkaar.
Kaarsen kunnen namelijk gemaakt zijn van onder andere paraffine, stearine, bijenwas, sojawas, andere plantaardige wassen of mengsels daarvan. Daarnaast kunnen kleurstoffen en geurstoffen aanwezig zijn. Wanneer je verschillende onbekende kaarsresten mengt, ontstaat een nieuw wasmengsel waarvan de eigenschappen niet precies bekend zijn.
Dat betekent niet dat verschillende kaarsresten niet met elkaar gecombineerd kunnen worden. Houd er wel rekening mee dat onder andere de hardheid, het smeltgedrag en het uiteindelijke brandgedrag minder voorspelbaar kunnen worden. Wil je meer weten over de verschillen tussen soorten kaarsenwas, lees dan welke kaarsenwas kiezen voor zelf kaarsen maken.
Oude kaarsen sorteren voordat je begint
Bekijk de kaarsresten eerst goed voordat je ze gaat smelten. Sorteer ze bij voorkeur op soort en eventueel op kleur. Wanneer je weet dat bepaalde resten van dezelfde soort kaars afkomstig zijn, kun je deze zoveel mogelijk bij elkaar houden.
Ook de kleur verdient aandacht. Verschillende kleuren kaarsvet kunnen tijdens het omsmelten met elkaar worden gemengd, maar de uiteindelijke kleur is moeilijk vooraf te voorspellen. Wanneer veel verschillende of donkere kleuren worden gecombineerd, kan een donkere of bruinachtige tint ontstaan.
Wees ook voorzichtig met het combineren van verschillende geurkaarsen. De oorspronkelijke geurstoffen blijven niet noodzakelijk hetzelfde ruiken nadat verschillende kaarsresten zijn gemengd en opnieuw verwerkt. Ongeparfumeerde kaarsresten zijn daardoor eenvoudiger met elkaar te combineren.
Verwijder voordat je gaat smelten zoveel mogelijk oude lonten, metalen lontvoetjes, etiketten, folie, luciferresten, decoratiemateriaal en zichtbaar vuil.
Oude kaarsen stap voor stap omsmelten
1. Maak grote kaarsresten kleiner
Breek of snijd grote stukken oude kaars voorzichtig in kleinere delen. Kleinere stukken zijn gemakkelijker te verwerken en maken het eenvoudiger om oude lonten, lontvoetjes en andere onderdelen vooraf te verwijderen.
2. Smelt het oude kaarsvet gecontroleerd
Smelt de kaarsresten rustig en gecontroleerd. Voor kleine hoeveelheden kan dit bijvoorbeeld au bain-marie. Gebruik een thermometer en voorkom dat de was onnodig heet wordt.
Bij oude kaarsresten is de precieze samenstelling niet altijd bekend. Daardoor kun je niet automatisch één smelt- of verwerkingstemperatuur gebruiken voor iedere verzameling oude kaarsen. Het doel is de was voldoende vloeibaar te maken om deze te kunnen reinigen en opnieuw te verwerken, niet om de was zo heet mogelijk te maken.
Meer over de werkwijze, temperatuurcontrole en veilig verwarmen lees je bij kaarsenwas smelten.
3. Verwijder oude lonten en andere resten
Tijdens het smelten kunnen stukken oude lont, lontvoetjes en andere resten die nog in de kaars zaten loskomen. Verwijder deze zorgvuldig uit de vloeibare was.
Deze stap is belangrijk voor de veiligheid van de nieuwe kaars.
Een los stukje oude lont hoort niet in de nieuwe kaars achter te blijven. Wanneer zo'n restant tijdens het branden in het vloeibare smeltbad terechtkomt en dicht genoeg bij de vlam komt, kan het was opnemen en zelf gaan branden. Hierdoor kan onverwacht een extra of grotere vlam ontstaan.
Extra warmte kan vervolgens het smeltbad vergroten. Bij een vrijstaande kaars kan daardoor de buitenrand te ver smelten of doorbreken, waarna vloeibare was naar buiten kan lopen en de kaars sterk kan gaan druipen. Verwijder daarom niet alleen de oorspronkelijke lonten, maar ook losse lontstukjes en ander vuil uit de was.
4. Zeef de gesmolten kaarsenwas
Ook nadat je de grote resten hebt verwijderd, kunnen kleine stukjes lont, lontvezels en vuil in de gesmolten was achterblijven. Zeef de vloeibare was daarom voordat je er een nieuwe kaars van maakt.
Voor thuisgebruik kun je hiervoor bijvoorbeeld een fijnmazige metalen keukenzeef gebruiken. Giet de vloeibare was voorzichtig door de zeef in een schone en hittebestendige gietkan of andere geschikte opvangbak. Een fijnmazige zeef houdt kleinere vaste resten tegen die je met de hand moeilijk uit de vloeibare was kunt verwijderen.
Controleer de gezeefde was daarna nogmaals. Zie je nog stukjes lont of andere verontreinigingen, zeef de was dan opnieuw. Het doel is dat er geen zichtbare oude lontresten, lontvoetjes of ander vreemd materiaal in de was achterblijven.
Gebruik geen kunststof zeef of ander materiaal waarvan je niet weet of het bestand is tegen de temperatuur van de vloeibare was. Gebruik een zeef die voor kaarsenwas is gebruikt bij voorkeur daarna niet meer voor voedsel, omdat oude kaarsen onder andere kleurstoffen en geurstoffen kunnen bevatten.
Gebruik een nieuwe lont die bij de nieuwe kaars past
Gebruik voor de nieuwe kaars een nieuwe kaarsenlont. De oude lont uit een van de oorspronkelijke kaarsen is niet alleen al gebruikt, maar past waarschijnlijk ook niet bij de nieuwe kaars die je gaat maken.
De diameter van een kaars is een belangrijk uitgangspunt bij het bepalen van de juiste lont. Een smalle kaars heeft een andere lont nodig dan een brede stompkaars. Wanneer je van verschillende oude kaarsen één nieuwe kaars maakt, heeft deze waarschijnlijk een andere vorm en diameter dan de kaarsen waarvan het kaarsvet afkomstig is. De oorspronkelijke lonten zeggen daardoor weinig over de lont die de nieuwe kaars nodig heeft.
Daarnaast heeft de samenstelling van de was invloed op de lontkeuze. Wanneer verschillende onbekende kaarsresten zijn gemengd, weet je niet altijd precies welke wassen, kleurstoffen en eventuele geurstoffen het nieuwe mengsel bevat. De ideale lontmaat is daardoor minder voorspelbaar dan bij een bekende kaarsenwas.
Kies een nieuwe lont op basis van de diameter van de nieuwe kaars, de eigenschappen van de was en het type kaars dat je maakt. Gebruik een aanbevolen lontmaat als uitgangspunt en controleer het uiteindelijke brandgedrag altijd met een proefkaars. In welke kaarsenlont kiezen voor zelf kaarsen maken lees je uitgebreid welke factoren daarbij een rol spelen.
Giet van de oude kaarsenwas een nieuwe kaars
Wanneer de was volledig vloeibaar, schoon en gezeefd is, kun je deze opnieuw verwerken. Plaats een nieuwe en passende lont in een geschikte kaarsenmal of houder en zorg dat de lont goed gecentreerd blijft.
Giet de vloeibare was rustig in de voorbereide mal of houder en laat de kaars daarna volledig afkoelen. Tijdens het afkoelen kan de was krimpen. Hoe sterk dat gebeurt en hoe het oppervlak eruitziet, hangt mede af van het wasmengsel dat uit de oude kaarsen is ontstaan.
Meer over het voorbereiden van een mal, het plaatsen van de lont, het gieten en afkoelen vind je in kaarsen gieten stap voor stap.
Test een kaars van hergebruikte was altijd
Vooral wanneer je verschillende soorten oude kaarsen hebt gecombineerd, is het verstandig de eerste nieuwe kaars als proefkaars te behandelen. Je werkt immers met een wasmengsel waarvan de exacte samenstelling en het brandgedrag niet altijd bekend zijn.
Let tijdens het branden onder andere op de hoogte en stabiliteit van de vlam, de ontwikkeling van het smeltbad, eventuele rook- of roetvorming, druipen, tunneling en ongelijkmatig opbranden.
Een opvallend grote of onrustige vlam, een zeer groot smeltbad, sterke roetvorming of een vrijstaande kaars waarvan de buitenrand te ver wegsmelt, zijn signalen om de test te stoppen en de combinatie van was, lont en diameter opnieuw te beoordelen.
Laat een brandende proefkaars nooit onbeheerd achter en plaats deze altijd op een stabiele en hittebestendige ondergrond.
Is oude kaarsen omsmelten hetzelfde als recyclen?
Oude kaarsen omsmelten wordt in het dagelijks taalgebruik vaak kaarsen recyclen genoemd. Hergebruiken of omsmelten is in dit geval een nauwkeurigere omschrijving: je gebruikt het overgebleven kaarsvet rechtstreeks opnieuw als grondstof voor een nieuwe kaars.
Ook kleine hoeveelheden kaarsvet kunnen worden bewaard totdat je voldoende resten hebt verzameld om een nieuwe kaars te maken. Bewaar de resten schoon en droog en houd gelijksoortige kaarsresten waar mogelijk apart.
Veelgestelde vragen over oude kaarsen omsmelten
Kun je van oude kaarsen nieuwe kaarsen maken?
Ja. Bruikbare resten van oude kaarsen kunnen opnieuw worden gesmolten, gereinigd en met een nieuwe lont tot een nieuwe kaars worden gegoten. Bij het mengen van verschillende soorten oude kaarsen kan het brandgedrag minder voorspelbaar worden.
Moet je oude kaarsenwas zeven?
Ja, dat is verstandig. Na het smelten kunnen kleine stukjes oude lont en ander vuil in de was achterblijven. Voor thuisgebruik kun je de vloeibare was bijvoorbeeld door een fijnmazige metalen zeef gieten. Controleer daarna of de was vrij is van zichtbare verontreinigingen.
Kun je verschillende soorten oude kaarsen bij elkaar smelten?
Dat kan, maar het resultaat is minder voorspelbaar wanneer je niet weet uit welke wassen en toevoegingen de oorspronkelijke kaarsen bestaan. Houd gelijksoortige kaarsresten daarom waar mogelijk bij elkaar en test een nieuwe kaars van gemengde was altijd zorgvuldig.
Kun je verschillende kleuren kaarsen bij elkaar smelten?
Ja, maar de uiteindelijke kleur is moeilijk vooraf te voorspellen. Wanneer veel verschillende of donkere kleuren worden gecombineerd, kan een donkere of bruinachtige kleur ontstaan.
Kun je de oude lont opnieuw gebruiken?
Gebruik voor de nieuwe kaars een nieuwe lont die past bij de diameter, het type kaars en de gebruikte was. De oude lont is afkomstig uit een kaars met andere afmetingen en mogelijk een andere wassamenstelling en is daardoor geen goede maatstaf voor de nieuwe kaars.
Waarom moet je oude lontresten uit het kaarsvet verwijderen?
Een los stukje oude lont kan in het smeltbad was opnemen en bij de vlam zelf gaan branden. Hierdoor kan een extra of grotere vlam ontstaan en kan de kaars onveilig gaan branden. Verwijder oude lonten en losse lontresten daarom zorgvuldig en zeef de gesmolten was voordat je deze opnieuw gebruikt.
Waarom moet je een kaars van oude kaarsenwas testen?
Bij hergebruikte kaarsenwas is de exacte samenstelling niet altijd bekend. Vooral wanneer verschillende kaarsresten zijn gemengd, kan de combinatie van was, lont en diameter anders branden dan verwacht. Met een proefkaars kun je het brandgedrag beoordelen voordat je meer kaarsen van hetzelfde mengsel maakt.